Text Size
   
Stone of Destiny

The Stone of Scone, more commonly known as the Stone of Destiny or the Coronation Stone (though the former name sometimes refers to Lia Fáil) is a block of sandstone historically kept at the now-ruined abbey in Scone, near Perth. It is also known as Jacob's Pillow Stone, Jacob's Pillar Stone and as the Tanist Stone.
Read more...






Mozes PDF Print E-mail
Written by Administrator   
Thursday, 01 October 2009 11:35

UIT DE STAM VAN LEVI KOMT MOZES

 

Een man uit de stam Levi trouwde met een vrouw uit diezelfde stam. Zij werd zwanger en bracht een zoon ter wereld. Het was een mooi kind en ze hield het verborgen, drie maanden lang. Zijn naam was Mozes.

 

 

(stamboom van Mozes)

 

 

DE VALSE GESCHIEDENIS VAN MOZES

 

Mozes (Lat. Moyses of Moses, Ar. ___ Moesa) was volgens de Bijbel de voornaamste profeet, de leider van de Israëlieten bij de uittocht uit Egypte, de stichter van de Israëlitische godsdienst, de ontvanger en schrijver van de Thora en de aanvoerder van het volk tijdens de doortocht door de woestijn tot aan de grenzen van Kanaän.

 

 

 

Op grond van Exodus 1:11 dateert men hem gewoonlijk in de 13e eeuw v. Chr, op grond van datering gebaseerd op de Septuagint komt zijn geboortejaar uit op omstreeks 1481 v.Chr. Volgens Exodus 2:1 vv. stamde hij uit Levitische ouders (Amram en Jochebed) en werd hij als vondeling opgevoed aan het hof van een farao, mogelijk Thoetmosis II. Volgens Exodus 3:1 vv. werd hij bij de berg Horeb (Sinaïberg) geroepen om zijn volk te verlossen. De naam Mozes lijkt op een Egyptisch achtervoegsel met de betekenis "zoon van".

Vanuit een historisch-wetenschappelijke benadering wordt het betwist dat Mozes als historisch persoon heeft bestaan. Wel zijn er aanwijzingen gevonden over een persoon waarvan de antecedenten later aan Mozes gekopeld lijken te zijn. De figuur van Mozes zou dan gebaseerd zijn op Menasse, een priester uit Egypte van de stam van Levi. Menasse was een protégé van fara Hatskeput en had de leiding over de tempel in Sinaï. De Egyptenaren schreven hem eigenschappen van de Egyptische God Thot toe. Menasse en daarmee dus ook Mozes, werd al seen halfgod beschouwd (gevallen engel).  

 

 

 

(Mozes met zijn bekende bokken horens van EN.KI)

 

Later beschreef de joods/Groekse filosoof Artapanus de verbanden tussen de metafysische figuren. Hij stelde in de tweede eeuw voor het begin van de jaartelling analogieën op tussen Mozes en Thot. Het verband tussen Menasse en de Berbreeërs komt naar voren in zijn nageslacht. Jonathan de kleinzoon van Menasse was als prietser in Egypte betrokken bij de eredienst van Jahoe/Jehova-cultus en hetzelfde geldt voor zijn zonen. Dis is een indicatie dat Menasse met de Herbreeërs in contact stond.

 

 

 

 

(Mozes, weer met een teken van de bekende horens van EN.KI,  

Schilderij José de Ribera)

 

Volgend uittreksel is van de Romeinse historicus Strabo (c. 24 AD):

 

35 Mozes, namelijk, was een van de Egyptische priesters, en bediende een deel van Beneden-Egypte, zoals dat wordt genoemd, maar ging er vandaan naar Judaea, omdat hij het oneens was met de toestand ter plaatse, en hij werd vergezeld van veel mensen die het Goddelijk Wezen vereerden. Want hij zegt, en onderwees, dat de Egyptenaren het verkeerd voor hadden met hun voorstelling van het Goddelijk Wezen door afbeeldingen van dieren en vee, net zoals de Libiërs, en dat ook de Grieken het fout hadden met het afbeelden van goden in een menselijke vorm; want, volgens hem, is God enkel dit ene dat ons allen omvat en dat land en zee omvat - dat wat wij hemel noemen, of universum, of de natuur van al wat bestaat. Welk zinnig mens zou dan durven een beeld van God maken dat op eender welk schepsel onder ons lijkt? Nee, mensen moeten al het beeldhouwen achterwege laten, en een sacraal gebied aflijnen en een waardig heiligdom, en zij moeten God vereren zonder afbeelding; en mensen die goede dromen hebben moeten in het heiligdom slapen, niet enkel voor zichzelf, maar ook voor de rest van het volk; en degenen die een zelfbetrokken rechtgeaard leven leiden zouden altijd een zegen of gave of teken van God moeten mogen verwachten, maar geen ander zou iets van hen verwachten.”

 

De Romeinse historicus Tacitus (ca. 100 AD) vermeldt verschillende mogelijke oorsprongversies van de Joden zoals zij die zelf onderwezen in zijn tijd.

 

Gezien ik de laatste dagen van een beroemde stad zal verhalen, lijkt het mij aangewezen enig licht te werpen op haar oorsprong. Sommigen zeggen dat de Joden vluchtelingen waren van het eiland Kreta, die zich op de dichtstbijzijnde kust van Afrika vestigden in de tijd toen Saturnus door de macht van Jupiter van zijn troon werd geduwd. Men vindt bewijs hiervoor in de naam. Op Kreta ligt een beroemde berg “Ida” genaamd; de stam in de buurt daarvan, de “Idaei”, werd later “Judaei” genoemd door een barbaars rekken van de nationale naam. Anderen houden het erbij dat de overbevolking van Egypte, onder de heerschappij van Isis (godin), zich oploste door uitwijking naar buurlanden, onder leiding van Hierosolymus en Judas. Velen zeggen op hun beurt dan weer, dat zij van oorsprong een Ethiopisch ras waren, dat in de tijden van koning Cepheus door angst en haat van zijn buren verdreven werd op zoek naar een nieuw verblijfsoord. Nog anderen beschrijven hen als een Assyrische horde, die bij gebrek aan voldoende eigen terrein bezit nam van een deel van Egypte en er eigen steden stichtte in gebied dat thans Hebreeuws land wordt genoemd, gelegen aan de grenzen van Syrië. Dan zijn er ook nog die de Joden een wel erg specifieke oorsprong toedichten, bewerend dat zij de “Solymi” waren, een land dat in de gedichten van Homerus wordt bezongen, die de stad welke zij stichtten “Hierosolyma” noemden naar hun eigen naam.”

 

“De meeste schrijvers, echter, zijn het eens dat ooit een ziekte, die het lichaam afschuwelijk verminkte, in Egypte uitbrak; dat koning Bocchoris, op zoek naar een remedie, het orakel van Hammon raadpleegde, en werd verzocht zijn rijk te zuiveren en dit door de goden veracht ras naar vreemd gebied uit te wijzen. Het volk, dat na gewillig zoeken verzameld was, werd in een woestijn achtergelaten en zat daar grotendeels verstomd van verdriet, tot een van de bannelingen, Moyses genaamd, hen aanmaande om niet op verlichting van God of van de mens te wachten, verlaten als zij waren van beiden, maar in zichzelf te geloven, en als door de hemel gezonden leider de man te aanvaarden, die hen eerst zou helpen om uit hun huidige ellende te geraken. Ze stemden daarmee in, en begonnen in totale onwetendheid naar om het even waar te lopen. Niets kon hen meer angst inboezemen dan gebrek aan water, en ze waren overal verspreid in het gebied neergevallen, klaar om aan hun einde te komen, toen een bende wilde ezels werd opgemerkt die zich van het graasveld terugtrok bij een rots die door bomen werd beschaduwd. Moyses volgde ze, en bij het zien van een grasplek ontdekte hij een overvloedige waterbron. Dit verschafte opluchting. Na een ononderbroken tocht van zes dagen, maakten zij zich de zevende een landstreek eigen, waar zij de inwoners van verdreven en waar zij een stad vestigden en een tempel.

 

We kennen allemaal het verhaal van Mozes. De meester die zijn volk uit Egypte leidde. Kan u zeggen , schuif die verhaal aan de kant, want hier komt een verhaal dat je nog niet bekend is. Zoals ze zeggen het is de overwinnaar die de geschiedenis schrijft. En dat is ook het geval geweest met de stam van Israël. Zij hebben hun eigen geschiedenis herschreven, voor hun daden te verdoezelen. Archelogen hebben geen bewijzen gevonden dat Mozes heeft bestaan, zoals de tempels en steden die Salomo liet bouwen. De veroveringsoorlogen kregen veel aandacht in het Oude Testament, het boek Deuteronomium (9:1) noemt overwinningen op 'grote steden met hemelhoge muren”? Maat de archelogie plaats vraagtekens bij dit beeld. Van de oude sterke fortificaties is niet teruggevonden. Historici en archelogen zijn het daarom eens dat de verovering van het beloofde land een legende is. De volleige geschiedenis van Israël is vervalst. Ze hebben niet liever dat wij hun ware geschiedenis niet kennen. Zo hebben zijn hun eigen verhaal geschreven dat ons bekend is van Mozes die zijn volk uit Egypte leidde. Maar één krusiaal element hebben de AN.UNNA.KI (gevallen engelen) uit het verhaal weggehaald. De reden wat aan de oorzaak ligt van Mozes vlucht uit Egypte. Maar het kan ook dat de uittocht nooit heeft plaats gevonden. Zoals we allemaal kennen of zoals ze ons doen geloven zou de stam van Israel als slaven hebben geleefd ten tijde in Egypte. Dit is gedeeltelijk juist. In die wel bepaalde periode was de stam van Juda (één van de stammen van Israël) heer en meester in het gebied. De bekende Farao Ramses kwam uit de stam van Juda. De priesters Leviëten hadden in de periode vooraf veel macht verworven en hadden al is een poging gewaagd om de Ark Des Verbond te stelen uit de Heilige Tombe die in Egypte was gebouwd. De reden dat de stam Levi deze Ark wou stelen was om de macht over te nemen van de elite stam van Egypte en zelf kan over de wereld. De Farao had de Leviëten en hun families verbannen van het heiligdom en had hun gevangen genomen om als slaven te werken. Vandaar het verhaal van Mozes die de Stam van Israël uit Egypte leidde als ze slaven waren. Het verhaal van Mozes dat hij als baby op de Nijl werd gezet , klopt gedeeltelijk. Toch werd hij grootgebracht door de zuster van de Farao en was Ramses niet op de hoogte dat Mozes uit de stam van de Leviëten kwam. Veel later als Mozes volwassen was geworden keerde hij zich tegen de Farao. Mozes had de Farao gewaarschuwd als hij de stam van Israël “Leviëten” (de slaven van de Tempel) niet liet gaan dat hun God (EN.KI Aartsengel Lucifer) de 10 plagen over Egypte zou brengen. De Farao (uit de Stam van Sem) wou Mozes niet geloven en de bekende plagen kwamen over Egypte. Het ultieme dilemma was de dood van de eerste geborene uit Egypte, waar de zoon van Farao die slachtoffer werd van de vloek. Zo liet uiteindelijk de Farao,  de Levi stam vertrekken uit Egypte. Maar de stam van Israël vertrok niet alleen. 

 

DE ARK DES VERBONDS WORDT GESTOLEN

 

Tijdens de grote plaag van Egypte heerste erg grote chaos, uit die chaos maakte de stam van Israël (Leviëten) gebruik voor de Ark des Verbond te stelen en een replica in de plaats te leggen. De stam van Israël onder heerschap van de Leviëten vertrokken uit Egypte met de Ark des Verbond. Na hun vertrek werd de Farao op de hoogte gebracht dat de Ark des Verbond gestolen was. Deze was in alle staten en besloot met zijn leger achter Mozes aan te gaan. Bij de bekende oversteek van de zee die zich splitst was de Ark des Verbond de oorzaak van deze splitsing. 

 

 

 

 

 

(bij de oversteek de Leviëten met de Ark)

 

Het volk van Israël en de Leviëten konden oversteken maar toen de Farao wou oversteken sloot de zee zich achter de stam van Israël.

 

 

 

 

(de oversteek van Israël)

 

 Zo besloten de stam van Israël verder te trekken naar de berg Jebel el Lawz  (Jabal Al Lawz): Berg der Rechtsgeleerdheid, en niet Sinaï zoals ze beweren, waar ze aan de berg kwamen van Jabal Al Lawz om hun overwinning te vieren. Op deze plaats kennen wij het verhaal uit onze geschiedenis dat ze daar de Ark Des Verbond maakten. Dit is gedeeltelijk juist. De Ark was degelijk gestolen uit Egypte. Maar op de berg Jabal Al Lawz waar Mozes de Ark liet maken, was in feite het omhulsel voor de bestaande Ark. En de kist die Mozes liet maken was op aanbeveling van EN.KI (Aartsengel Lucifer). Het verhaal van de 10 geboden is ook gedeeltelijk juist. Het zijn niet de 10 geboden die wij kennen (dit is een vervalsing) maar daar werden de eerste 10 geboden van de protocollen van Zion voorspeld. De bestaande Ark kreeg een nieuw omhulsel (de gouden kist met de twee cherubijnen op, wachters van de Tempel). De bestaande Ark vandaag bestaat uit twee kisten. Zo is het verhaal ontstaan dat de stam van Israël de Arks des Verbond had gemaakt op de berg van Mozes. Vandaar vertrokken ze verder met de Ark naar het beloofde land van hun voorvader Kaïn, Kanaän. 

 

DATERING VAN DE UITTOCHT

 

De datering van de Uittocht, en daarmee het benoemen van de farao waarmee Mozes het aan de stok had, is een slepend twistpunt. De enige datering[1] die in overeenstemming lijkt te kunnen worden gebracht met Bijbelse en andere bronnen is het jaar 1401 v.Chr., het sterfjaar van farao Amenhotep II. De bouw van de Tempel van Salomo begon 440 jaar na de Uittocht (1 Koningen 6:1, Septuaginta-vertaling); de tempelbouw wordt doorgaans gedateerd rond 966 v.Chr., inderdaad ongeveer 440 jaar na 1401 v.Chr.

 

DE GOD VAN MOZES

 

Het boek Exodus vertelt dat Mozes toen God met hem sprak vanaf de berg Horeb voor de uittocht van de joden uit Egypte, enigszins onthutst was over de vraag hoe hij Gods identiteit moest overbrengen aan de mensen. Hij legde uit dat de kinderen van Israël zouden vragen 'Wat is zijn naam?', en hij vervolgde: 'Wat zal ik tegen ze zeggen?' (Exodus 3:13). Deze schijn¬baarvreemdevraag, ofze nu een historisch feit is ofniet, bevestigt ten min¬ste dat Mozes in een periode van vele goden leefde (gevallen engelen). Van de tijd van Abra¬ham hadden de Hebreeën Enlil-EI Sjaddai vereerd, die de Kanaänieten- El Elyon noemden maar Mozes (FaraoThutmoseIII),  was uit Egypte gekomen, waar de Israëlieten' gewend waren geraakt aan goden met andere namen. Het antwoord dat Mozes kreeg, was extreem vaag: 'En God zei tegen Mozes, "Ik ben wat Ik ben ... (Lucifer, AMON-RA) Zo zult ge tegen de kinderen van Israël zeggen, IK BEN heeft me naar jullie gestuurd - De Here God van uw vaderen, de God van Abraham, de God van Isaäk, en de God van-jakob, heeft mij naar u gestuurd. Dit is mijn naam voor altijd, en dit is mijn boodschap voor alle generaties'" (Exodus 3:14-15). Wat Mozes dus vernam, was dat deze inderdaad El Elyon was, de God van Abraham, maar hij moest nu 'IK BEN' genoemd worden. God be¬vestigde toen (Exodus 6:3) dat Abraham naar hem verwezen had als El Sjad¬dai (Heer van de Berg), omdat hij de goddelijke naam YHWH, 'Ik ben die Ik ben',. niet kende. Dit vers is verkeerd vertaald in de Engelstalige teksten zo¬dat ze suggereren dat El Sjaddai God Almachtig betekent, maar zoals we hebben gezien werd er naar Enlil ook verwezen als Iloe Koer-gal (Grote Bergheer) in de Mesopotamische traditie, wat de reden is dat Abraham naar hem verwees met een equivalent in de volkstaal. In algemene termen verwijst de Pentateuch naar God als Eloh YHWH als men het persoonlijk over hem heeft, en naar de goden als Elohim (zijn die uit de hemel komen of gevallen engelen), wanneer men te maken heeft met het meervoud. Toen later de klinkers waren toe¬gevoegd aan de stam YHWH, raakte de term jahweh (of jehova) algemeen gekend. Door jaren onderzoek is het gebleken dat El Elyon de “Aartsengel Michaël” was, die waarnemer was voor de daden van zijn broer op aarde “Lucifer” die hier zat met de gevallen engelen. In de bijbel is het niet duidelijk over welke god dat we het hebben op bepaalde momenten. We moeten altijd in het achterhoofd houden dat Lucifer zich veel voordoet als de ware God van deze aarde, maar juist dit zou de grote misleiding worden van zijn daden.

 

DE BERG VAN SINAÏ

 

Uiteindelijk bereiken we het punt waarop Mozes en de Israëlieten hun kampement opsloegen 'bij de heilige berg - schijnbaar dezelfde berg waar Mozes jehova - Lucifer had ontmoet en het brandende braambos had aanschouwd. In deze fase wordt de plek de berg Sinaï genoemd (Exodus 19:11), terwijl hij tot hiertoe de berg Horeb heette (Exodus 3:1, 17:6), de naam waar hij later weer mee wordt aangeduid (Exodus 33:6). Hier hebben velen zich afge¬vraagd ofer misschien twee heilige bergen waren. Het is belangrijk te beseffen dat er tot de vierde eeuw n.Chr. als zodanig geen berg Sinaï was. Net zoals met de veronderstelde berg Ararat, die in fei¬te een bergketen is, zijn de bergen van het schiereiland Sinaï,uitgestrekt, en de zuidelijke piek die gewoonlijk als de berg Sinaï bekendstaat, kreeg zijn naam van Grieks-christelijke monniken 1700 jaar na de tijd van Mozes. De berg (nu Gebel Moesa genaamd - 'berg van Mozes') was niet de heilige berg Horeb uit de bijbel, want Horeb was de piek die nu de berg Seräbît heet. Oprijzend tot meer dan 860 meter bovenzeeniveau. Is de berg te vinden op de weg van de Egyptische delta (voor men de Gebel Moesa bereikt) op een plek die Seräbît el-Khädim heet. Dit is een streek met turkooismij¬nen; het is ook de plaats van de belangrijkste bijbelontdekking die ooit gedaan is, hoewel de ontdekkers destijds niet de ware betekenis ervan zagen. Het heeft sindsdien weinig publiciteit gekregen. Waarom? Omdat, zoals eerder genoemd het memorandum en de artikelen van de Association of the Egypt Exploration Fund uitdrukkelijk verklaren dat veldverkenningen en opgravingen alleen zouden worden goedgekeurd als ze het bijbelverhaal ondersteunden en dat deed deze ontdelddng niet. Tenminste, ze ondersteunde niet de interpretatie en de uitleg van het ver¬haal door de Kerk. Vanaf de allervroegste dagen werd de Sinaï beschouwd als een deel van Egypte, maar hij had geen militair garnizoen, noch een gouverneur die er resideerde. Interessant in dit opzicht is dat de oude Egyptenaren de Sinaï niet 'Sinaï' noemden, maar 'Bia'. Ondanks het feit dat goud geen traditioneel product van de Sinaï is, vinden we in het Oude Testament wel belangrijke verwijzingen naar de Sinaï en naar goud  gebeurtenissen die specifiek betrekking hebben op de berg Horeb (de Hoogte van de Khädim). Een van die bijbelse verhalen brengt goud bovendien in verband met een mysterieus poeder en noemt ook water, niet voor het wassen van het goud, maar voor de onderdompeling ervan. In Exodus 32:20 lezen we: 'Daarop nam hij het kalf dat zij gemaakt hàdden, verbrandde het met vuur en vermaalde het, strooide het poeder over het water en gaf dat de kinderen Israëls te drinken.' Dit klinkt eerder als een ritueel dan als een straf, hoewel het tegen-woordig zo wordt uitgelegd. Aäron had het goud gesmolten om het kalf te kunnen maken, maar 'Mozes deed er iets heel anders mee. Wie' goud met vuur verbrandt' krijgt gesmolten goud geen poeder. De Septuagint is wat explicieter en schrijft dat Mozes 'het goud met vuur verteerde'. duidt meer op fragmentatie dan op verhitten of smelten. Het werkwoord 'verteren' betekent zoveel als 'tot niets of tot kleine deeltjes afbreken'. Hoe is het mogelijk om goud tot poeder te verbranden? En waarom strooide Mozes het over het water en gaf dat zijn volgelingen te drinken? Opnieuw vinden we in de Septuagint een kleine, maar mogelijk veelzeggende afwijking. De tekst luidt namelijk dat Mozes het poeder in het water' zaaide'. In elk geval verklaart dit de problemen bij de interpretatie van de inscriptie van Si-Hathor, waar de betreffende hiëroglief ten slotte als' wassen' is vertaald.

 

DE WARE BERG VAN SINAI IN SAUDI ARABIA 

JEBEL EL LAWS

 

In 1998 kwam de onderzoeker Ron Wyatt met de bewering de ware berg van Sinai gevonden te hebben in Saudi Arabia in 1988. 

 

 

 

(de weg die Moezes gebruikte voor de vlucht van de Farao)

 

Bijbelteksten die hun bevindingen ondersteunen:

 

"Mozes vluchtte uit het gezicht van de Farao en woonde in het land Midian. Maps geven aan dat Midian ligt bij de grens van de Golf van Akaba in het noordwesten van Saudi - Arabië.

 

 

 

(strand waar Mozes aan de overkant kwam in Saudi Arabia)

 

"En zij [Zipporah] baarde hem een zoon, en hij riep zijn naam Gershom; voor zei hij," Ik ben een vreemdeling in een vreemd land "Ex. 2:22. Mozes was in een ander land, ver van alle Egyptenaren, in Saoedi - Arabië. Hij kon niet in de Sinaï zijn, het was een Egyptische gecontroleerde grondgebied, vol Egyptische mijnen en communicatie torens. Mozes zou gemakkelijk zijn gevangen in dat gebied. "Nu Mozes hield de kudde van Jethro, zijn schoonvader, de priester van Midian. En hij leidde de kudde naar de achterkant van de woestijn, en kwam tot Horeb, de berg van God" Ex. 3:1. Jethro woonde in de buurt van Mount Sinai. Jethro was de leider van de Midianites die werden gevonden in dit gebied, het oosten van de Golf van Akaba in de noordwestelijke regio's van de Arabise woestijn Britanica. 

 

             

 

Arabische naam voor Mt Sinai: Jebel el Lawz 

(Jabal Al Lawz): Berg der Rechtsgeleerdheid

 

De naam "Jethro" staat op de kaart naast de stad van Al Bad, dichtbij Jebel el Lawz, de juiste Mt. Sinai! (Kaart hierboven). Jethro werd Mozes' schoonvader zoals we zagen in de tekst hierboven. Hij was uit de stad Al Bad, volgens de lokale mensen die er wonen vandaag, en dat is slechts ongeveer 15 kilometer van Jebel el Lawz. De woestijn en de berg Sinai. "Handelingen 7:29,30. All historisch nauwkeurige kaarten, zoals sommige geproduceerd door seculiere bedrijven zoals National Geographic (zie kaart hierboven), laat zien Midian in Saoedi - Arabië ligt. Helaas, de kaarten in de Bijbel door de uitgevers hebben Midian in de Sinaï gevestigd. Mr Wyatt is de originelehedendaagse ontdekker van de echte Mount Sinai. 

De bovenste 200 meter van Jebel el Lawz wordt verbrand zwart.

 

     

 

(Het altaar van het gouden kalf aan de voet van de berg, waar de 12 pilaren staan van de twaalf stammen)

 

 

 

 

(De rots waar Mozes water voor Israël voorzag)

 

Op de westelijke of de achterzijde van de berg is Rephidim waar Mozes en de kinderen Israëls eerste aankwamen aan de Mt. Sinai. Het was hier dat Mozes de rots gevonden, had, die met grote hoeveelheden water voor de Israliëten voorzag. De berg heeft een rots van 60 voet en een 300 voet hoge heuvel, en heeft duidelijke tekenen van water erosie. De kloof in de rots is zo groot dat je er gemakkelijk door kan lopen. Een 20 vierkante voet “altaar” is ook op deze plaats te zien, die werd gebouwd door de kinderen van Israël nadat ze de Amalakites versloegen. Het Amalakite grondgebied bedekte het zuiden van Juda en waarschijnlijk uitgebreid in het noorden van Saudi Arabië “ Britanica”.

 

DE STENEN PLATEN

 

De heer zei tegen Mozes: 'Kom naar mij toe, de berg op, en wacht daar; dan zal ik je de stenen platen geven waarop ik de wetten en geboden heb geschreven om het volk te onderrichten.' Samen met zijn dienaar Jozua ging Mozes de berg van God op. Tegen de oudsten zei hij: 'Wacht hier tot wij terugkomen, Aäron en Chur blijven bij u. Mocht iemand een uitspraak in een geschil willen, dan kan hij zich tot hen wenden.'Terwijl Mozes de berg op ging, werd deze overdekt door een wolk: de majesteit van de heer rustte op de Sinai. Zes dagen lang bedekte de wolk de berg. Op de zevende dag riep de heer Mozes vanuit de wolk. En terwijl de Israëlieten de majesteit van de heer zagen, als een laaiend vuur op de top van de berg, ging Mozes de wolk binnen en klom hij verder omhoog. Veertig dagen en veertig nachten bleef hij op de berg. 

 

OPDRACHT TOT MAKEN VAN EEN HEILIGDOM

 

 

 

De heer zei tegen Mozes: 'Vraag de Israëlieten mij geschenken te geven; neem van ieder die daartoe bereid is een bijdrage in ontvangst. Je moet het volgende van hen vragen: goud, zilver en koper, blauwpurperen, roodpurperen en karmozijnrode wol, fijn linnen garen en geitenhaar, rood geverfde ramsvellen, vellen van zeekoeien, acaciahout, lampolie, geurige specerijen voor de zalfolie en voor de reukoffers, onyxstenen voor de priesterschort en edelstenen voor de borsttas. De Israëlieten moeten een heiligdom voor mij maken, zodat ik te midden van hen kan wonen. Ik zal je een ontwerp laten zien van de tabernakel en van alle voorwerpen die bij deze tent horen; houd je daar nauwkeurig aan.


Last Updated ( Friday, 02 October 2009 23:29 )
 

3D Views