Text Size
   
Jul 30
Friday
Heilige Romeinse Rijk (843 - 1806) PDF Print E-mail
Written by Administrator   
Tuesday, 29 September 2009 23:25

HEILIGE ROMEINSE RIJK - EUROPA (843 - 1806)

 

Dit wapenschild, zogenaamd dat van Karel de Grote, was met adelaars met één en later twee koppen het wapen van het Heilige Roomse Rijk. 

 

 

 

 

 

Als we het wapenschild in detail nemen zie we de merkwaardige overeenkomsten met de 10 stammen van Israël die elk hun eigen wapenschild in het Heilige Romeinse Wapenschild verwerkt hebben. 

Bijkomende symbolen stellen hun afkomst af, zoals het teken van Jeruzalem, Rozekruis dat later voor hun kruisridders zal staan en de nieuwe wapenschilden van de nieuwe families die uit de kruisingen komen van de verschillende stammen van Israël.

 

Het Heilige Roomse Rijk was een politiek conglomeraat van de stammen van Israël die in West- en Centraal-Europa tijdens de Middeleeuwen aan de macht waren. Het ontstond uit het oostelijke gedeelte van het Frankische Rijk bij het Verdrag van Verdun (843). Het Rijk bestond bijna een millennium, tot het werd opgeheven in 1806. In tegenstelling tot wat de toevoeging "der Duitse natie" suggereert, was het Roomse Rijk geen Duitse natiestaat in de moderne zin van het woord. Hoewel het grootste deel van de onderdanen en regeerders in het Rijk van Duitse afkomst was, bestonden er vanaf het begin verschillende etnische variëteiten binnen het Rijk. Veel van zijn belangrijkste edelen en leiders kwamen van buiten het Duitssprekende gebied. Op het hoogtepunt van zijn bestaan bestond het Rijk uit het moderne Duitsland, Oostenrijk, Slovenië, Zwitserland, België, Nederland, Luxemburg, Tsjechië en ook uit oostelijke delen van Frankrijk, het noorden van Italië en het westen van het huidige grondgebied van de republiek Polen.

Het land was echter gedurende het grootste deel van zijn bestaan niet veel meer dan een soort confederatie. In de Middeleeuwen ging de macht van het rijk spoedig achteruit en verloor de keizer meer en meer macht aan de hertogen onder hem. Na 1250 had de keizer nauwelijks nog gezag buiten zijn eigen bezittingen (de zogenaamde "Hausmacht"). Door de Investituurstrijd tussen de keizer en de paus (11e-12e eeuw) werd het aanzien van het rijk sterk verzwakt.

 

DUITSE KONINGEN VAN HET HEILIGE ROMEINSE RIJK

 

De kroningen van de keizers van het Heilige Roomse Rijk waren geïnspireerd op de kroning van Karel de Grote in 800. Een toekomstig keizer moest eerst en vooral koning van de Duitsers worden. Duitse koningen werden al eeuwen verkozen, in de 9e eeuw door de leiders van de vijf belangrijkste stammen (de Franken, de Saksen, de Beieren, de Zwaben en de Thüringers), later werden deze koningen verkozen door drie bisschoppen, de paltsgraaf en de drie voornaamste hertogen. Later kwam een college van keurvorsten in voege. Dit college werd officieel samengesteld in 1356. Oorspronkelijk waren er zeven kiesgerechtigden, maar dit aantal wijzigde in de loop van de eeuwen. Tot 1508 reisde de nieuw verkozen koning naar Rome om zich door de paus tot keizer te laten kronen. Op geen enkel moment kon de keizer autonoom het rijk besturen. Zijn macht werd zwaar ingeperkt door de verschillende lokale leiders. Na de 15e eeuw werd de Rijksdag opgericht als het wetgevende orgaan van het Rijk. Deze Rijksdag was een vergaderend orgaan dat op verschillende locaties samenkwam. Pas na 1663 zou de Rijksdag een permanent orgaan worden en werd hij vast in Regensburg gevestigd ("Immerwährender Reichstag").

 

DUITSE KRONINGEN VAN HET HEILIGE ROMEINSE RIJK

 

De keizers werden steeds gekroond. Dat gebeurde eerst in Aken en later in Frankfurt. De daarvoor benodigde kroon, scepter, rijksappel, kleding en psalter ( gebedsboek ) werden in Neurenberg bewaard. Het rijk bezat een aantal hoogwaardigheidsbekleders met klinkende titels zoals "Rijkskamerheer", "Rijksschatmeester", "Rijkserfmaarschalk", Rijkskanselier voor Italië, Rijksopperstalmeester en wat dies meer zij. Geen van deze functies bracht werkelijke macht met zich mee.

Karel de Grote plaatste een adelaar in het hof van zijn palts in Aken. Adelaren, symbolen van kracht en macht waren al bij de Goten geliefde tekens van heerschappij. Onder de Ottonen-dynastie wordt men zich meer bewust van de Romeinse traditie van de adelaar. Konrad II plaatst een adelaar op zijn scepter. In de tijd dat de heraldiek ontstaat, gaat men een adelaar van goud of zwart, en met één kop, al snel als het wapendier van het rijk zien. Onder Hendrik VI zien we voor het eerst een zwarte adelaar op een schild. Maar vorm en kleur liggen nog lang niet vast. Door de eeuwen veranderde de vorm sterk; Keizer Sigismund laat rond 1430 een dubbel gekopte en van nimbussen voorziene zwarte adelaar op zijn schild plaatsen. Deze adelaar blijft van 1434 tot 1806 min of meer onveranderd. De heraldische tekenaars voegen soms kronen, zwaard, scepter, rijksappel en een schild van de heerser op de borst van de adelaar aan het wapen toe.De wapens met adelaar van het Keizerrijk Oostenrijk, Het tweede rijk, De Weimarer republiek, Hitler- Duitsland en de Bondsrepublieken Duitsland en Oostenrijk zijn allen voortzettingen van deze eeuwenoude heraldische traditie. De Duitse Democratische Republiek brak met die traditie en koos een nieuw wapen volgens de socialistische heraldiek, dus zonder adelaar. Sinds 1950 lijkt de adelaar van de Bondsrepubliek weer sterk op die van de Hohenstaufen uit de 12e eeuw. Toen de Bondsdag in 1990 naar Berlijn verhuisde debatteerde dit parlement over de vorm van de adelaar. Moest het de "vette kip", spotnaam voor de vriendelijker uitziende corpulente adelaar blijven of koos men de oude, agressief aandoende magere adelaar? De Bondsdag koos een adelaar die zo vreedzaam was als een grote roofvogel maar zijn kan...

 

Duitse Tweede en Derde Rijk

 

Naar de ideeën van Arthur Moeller van den Bruck noemden de nazisten het Heilige Roomse Rijk later het Eerste Rijk der Duitse natie. Het Duitse Keizerrijk was dan het Tweede Rijk en hun eigen rijk het Derde Rijk.


Last Updated ( Saturday, 10 October 2009 14:52 )
 

3D Views